Ik ga het gewoon zeggen.

Niet “een beetje experimenteren.”

Niet “af en toe een pilletje.”

 

Nee.

 

Verslaafd.

 

Ik gebruikte elk weekend.

En daarna iedere gelegenheid die zich aandiende.

 

Je denkt dat je niet verslaafd bent

als het “alleen in het weekend” is.

 

Dat is de grootste leugen die je jezelf kunt verkopen.

 

Als je iets nodig hebt om te voelen dat je leeft?

Dan ben je verslaafd.

 

Ik kon niet eens genieten

zonder iets in m’n lijf te stoppen.

 

Niet uitgaan zonder.

Niet praten zonder.

Niet rusten zonder.

Niet seks zonder.

 

Dat laatste brak me.

 

Als je niet eens meer je eigen lichaam voelt

zonder een chemische aan-knop…

 

Dan ben je jezelf kwijt.

 

En weet je wat het ergste is?

 

Ik dacht dat ik controle had.

 

Tot het niet meer alleen in het weekend was.

Eerst donderdag.

Toen vrijdag.

Toen zaterdag.

Toen “ach, dinsdag kan ook wel.”

Toen vier, vijf keer per week.

 

Iedere snuif was:

 

Even niet voelen. Even weg. Even geen waarheid.

 

Tot die waarheid je inhaalt.

 

Toen stopte ik.

 

Niet omdat ik ineens sterk was.

Maar omdat m’n lichaam kapot ging.

 

En ik dacht toen dat ik gered was.

 

Maar ik belandde gewoon

in de volgende verslaving.

 

Ondernemen.

 

Harde prikkel.

Hoge pieken.

Geld.

Status.

Groei.

Dikke ego-boost.

 

Zelfde mechanisme, andere verpakking.

 

En ik was er nog goed in ook.

Succesvol.

Snelle groei.

Iedereen keek.

Iedereen klapte.

Iedereen zei: “Wat knap.”

 

Maar succes kan ook een drug zijn.

Een nóg gevaarlijkere.

 

Omdat iedereen het aanmoedigt.

 

Tot ik crashte.

 

Niet een beetje moe.

Niet een beetje gestrest.

 

Nee.

 

Lichaam kapot.

Zenuwstelsel uitgebrand.

Hart op het randje.

Alles zwart.

 

Burn-out.

Paniek.

Angst.

Dood dichtbij.

 

En toen zag ik het.

 

Je krijgt in dit leven maar één hart.

Eén lichaam.

Eén zenuwstelsel.

Eén kans.

 

Mensen beschermen alles.

 

Hun auto.

Hun huis.

Hun telefoon.

Hun reputatie.

 

Behalve het ding dat ze in leven houdt.

 

Hun lichaam.

 

Ze snuiven.

Ze drinken.

Ze stressen.

Ze haasten.

Ze bewijzen.

Ze pleasen.

Ze jagen.

 

En ze zeggen:

 

“Het komt wel goed.”

 

Tot het niet meer goed komt.

 

Ik heb het geluk gehad

dat ik nog leef.

 

Niet omdat ik slim was.

 

Maar omdat mijn lichaam nog één keer zei:

 

“Stop. Nu.”

 

Niet iedereen krijgt die kans.

 

Sommigen vallen gewoon om.

In hun keuken.

In de auto.

Voor de ogen van hun kinderen.

 

Dus ja:

 

Ik was verslaafd.

Aan drugs.

Aan succes.

Aan harder.

Aan meer.

 

Maar nu?

 

Ben ik verslaafd aan leven.

 

Aan voelen.

Aan rust.

Aan helderheid.

Aan kracht.

Aan echt hier zijn.

 

Want alles waar je naar rent,

gaat allemaal verloren.

 

Behalve je gezondheid.

 

Die blijft.

Of die breekt.

 

Je hebt maar één hart.

En het klopt voor jou.

Niet voor je ego.

Niet voor je prestaties.

Niet voor je bewijsdrang.

 

Voor jou.

 

Bescherm het.

 

Voor het te laat is.

De meeste mensen leven alsof ze onsterfelijk zijn… tot ze ineens een diagnose krijgen. Wil jij dat risico drastisch verkleinen en je lichaam optimaal houden? Bekijk dan mijn cursus op ganietdood.nl.